Er was eens een vader in Mosul

A man cries while carrying his daughter as he walks from Islamic State controlled part of Mosul towards Iraqi special forces soldiers during a battle in Mosul

Een man met baard loopt de straat op met zijn dochtertje op de arm. Op de vlucht voor de bommen, wanhopig op zoek naar schaarse veiligheid, koortsachtig zoekend naar een kans om te overleven. Zelf draagt hij niet meer dan de joggingbroek en het marcelleke waarmee hij comfortabel voor tv in de zetel kan hangen of onbezorgd met zijn dochtertje van bijna 4 kan spelen. Voor zover dat kan natuurlijk daar op die plek, in de stad Mosul, ergens in Irak waar al jaren een gevecht op leven en dood woedt .

Verrast door de aanval had hij geen tijd om iets warmers aan te trekken, laat staan schoenen aan te doen. Op weg naar buiten, enkele minuten voor het dak van zijn kleine huisje naar beneden kwam, kon hij nog net de jas van zijn dochtertje van de kapstok in de inkomhal mee graaien.

‘Zorg dat ze niet zonder jas buiten gaat!’ Hij hoort het zijn vrouw nog zeggen. Ook de sleutels van zijn kleine gele autootje dat hij 10 jaar geleden kocht met zijn zuurverdiende centen, kon hij nog net van het haakje halen. Dat haakje had zijn vrouw vorig jaar zelf nog vastberaden in de muur geklopt omdat ze het eeuwige gezoek naar die verdomde autosleutels beu was.

Zijn lieve, mooie vrouw, … Haar verloor hij enkele maanden geleden. Net als zijn broer een half jaar geleden. Zijn ouders 9 maanden geleden. Zijn dochter was het enige wat hij nu nog had, het enige waarvoor hij nog leefde. Hij zou alles doen om haar te beschermen. Nooit nog zou hij haar zonder jas naar buiten laten gaan. Al moest hij zelf in zijn onderbroek de straat op.

De foto hierboven uit de krant greep me bij de keel. Niet zozeer de paniek, de angst en de wanhoop op het gezicht van vader en dochter, maar het contrast van de schaars geklede man en het warm geklede meisje brachten me om één of andere reden van slag. Dat onbeduidende detail deed me nadenken over ‘hun’ verhaal, over hoe het misschien allemaal is gegaan … of hoe ook niet.

Dat die man in deze chaos en ondanks zijn onmetelijke angst en paniek er (in mijn verbeelding althans) toch nog aan dacht om zijn dochtertje een jas aan te trekken alvorens het huis uit te vluchten … dat maakt van hem een vader, een verdomd goede vader die in onwaarschijnlijke omstandigheden nog steeds alleen maar aan het beste voor zijn dochter denkt.
betterworld

Familie Flodder

Mijn huis is soms één grote rommelhoop. Vind ik dat erg? Meestal niet. Krijg ik daar stress van? Soms wel. Stoor ik mij daaraan? Helaas niet genoeg.

Ik benijd andere vrouwen met kinderen waarvan het huis altijd op orde is, zélfs wanneer ik onverwachts binnenval. Hoe doen die dat in godsnaam? Hossen zij dan constant achter hun kroost aan om de achtergebleven speeltjes netjes weg te stoppen?

Evenzeer benijd ik vrouwen waarvan het huis nóg rommeliger lijkt dan het mijne, zélfs wanneer ik op een afgesproken tijdstip binnenwip. Ik wou dat ik ook die nonchalance had, dat ik niet tegen honderd per uur en als een kip zonder kop door het huis raas, een half uur voor er bezoek komt. Ik wou dat ik niet door de grond zak van schaamte telkens er iemand onaangekondigd langskomt en ze zich een weg moeten banen door het speelgoed en pas kunnen gaan zitten wanneer alle rommel die in de zetel ligt opzij wordt geschoven.

Het ergst schaam ik mij wanneer het bezoek langs de garage binnenkomt. Dat privilege is voorbehouden aan mensen die we heel goed kennen en waarvan ik het gevoel heb dat zij het wel begrijpen dat je met 4 kinderen niet altijd alles mooi aan de kant kan hebben. Meestal is de garagedeur los, maar wanneer we bepaald bezoek verwachten gaat die toegang onverbiddelijk op slot. Het zit namelijk zo dat onze garage alleen maar dienst doet als extra opslagruimte. Een auto heeft daar nog nooit in gestaan wegens plaatsgebrek. Alleen maar fietsen, steps, grasmachine, tuingereedschap, versleten speelgoed, 2 wasrekjes, glasbak, oud papier, oude meubelen, kapotte apparaten, vuilniszakken, schoenen, …

Na de garage moeten de bezoekers onze berging nog door om onze keuken en woonkamer te bereiken. Deze bufferzone is meestal een slagveld van vuile was. Zes mensen maken al wel wat vuil en nooit zijn er genoeg wasmanden. Die staan waarschijnlijk boven volgeladen met gestreken was te wachten om leeggemaakt te worden. Meestal ligt de vloer dan ook bezaaid met vuile kleren die liggen te wachten om per kleur gesorteerd te worden.

Wanneer alles echter netjes gepland is en het bezoek langs de voordeur binnenkomt, zijn die vervloekte garage en berging een zegen. Er kan altijd nog wel wat rommel bij. Alles wat al dagen onterecht op het keukenaanrecht of boven op de koelkast ligt, verdwijnt dan in één beweging in de berging of in de garage. Ik ben dan ook getraind in het oprommelen. Het is een rekbaar begrip: wanneer het snel moet gaan betekent het niet meer dan de rommel naar een andere ruimte verhuizen. Het echte oprommelen doe ik later wel.

ma-flodderGelukkig komen die momenten waarop ik me Ma Flodder voel niet zó vaak voor. Niet omdat de rommel weg is, maar omdat ik me er niet al te druk in kan maken. Ik ben al blij als onze ‘leefruimtes’ aanvaardbaar zijn, weliswaar aanvaardbaar volgens mijn normen. Dat is mijn redding, dat mijn normen niet dezelfde zijn als die van die andere moeder wiens huis altijd spic en span is omdat ze ’s avonds wanneer Temptation Island begint nog met haar stofzuiger en dweil in de weer is, terwijl ik me zonder schuldgevoel in de zetel nestel, helemaal klaar voor mijn guilty pleasure.

Maar … als de volgende dag mijn pa, veruit de rommeligste man die ik ken, langs de garage binnenkomt en na het aanschouwen van onze berging zegt ‘Hier wordt precies geleefd!’ dan weet ik dat het hoog tijd is om in actie te schieten en mijn zetel de komende avonden te laten voor wat hij is.

messyhouse

AD(H)D is top!

Mijn oudste zoon heeft ADHD. Dat is geen geheim. We hadden al langer een vermoeden dat er iets niet klopte in zijn hoofd, dat hij meer dan intelligent genoeg was, maar dat het er om een of andere reden niet uitkwam. Dat zijn brein vaak in overdrive ging waardoor zijn licht ontvlambaar karaktertje te regelmatig vonkte. Dit zorgde thuis wel eens voor problemen waardoor we op zoek gingen naar alternatieve methodes om ermee om te gaan. Homeopathie, osteopathie, bachbloesemtherapie, psychotherapie, voedingssupplementen, … noem maar op. Alles hebben we geprobeerd, helaas zonder het verhoopte resultaat.

Vorige lente lieten we hem op aanraden van de school testen en tegen de zomer stond het mooi op papier. Voor velen in onze omgeving kwam dat niet als een verrassing. Onze Jef is altijd een speciaal geval geweest, geen gemakkelijk kind.

adhd3

Anderen vielen totaal uit de lucht. Hij is inderdaad niet opvallend hyperactief en buitenshuis weet hij zich meestal behoorlijk, vaak zelfs voorbeeldig te gedragen. Dit kost hem dan zoveel moeite dat we dat thuis vaak dubbel en dik moeten bekopen. Zijn overgevoeldige aard maakt het allemaal nog een beetje complexer.

We probeerden het eerst nog zonder medicatie. De school ’t Klavertje  deed sowieso heel veel om het uiterste uit onze jongen te halen, maar zijn achterstand werd steeds groter. Tot de juf aangaf dat het echt heel moeilijk liep, dat hij zich nog geen minuut kon concentreren. Ook huiswerk maken was onbegonnen werk. Een opdracht die een kwartier zou mogen duren, nam bij ons anderhalf uur in beslag. Anderhalf uur ruzie, frustratie, agressie, verdriet en wanhoop …

Na vele slapeloze nachten, getob en getwijfel hakten we dan toch de knoop door en ging onze zoon aan de Rilatine. Bang afwachten welke nevenwerkingen  hem parten zouden spelen, wakker liggen van de gevolgen op lange termijn die nog niemand kent.

Op school zorgde dit voor een wonderbaarlijke verandering. Vanaf dag 1 merkte de juf op dat hij ongelooflijk gefocust was. Hij werkte voor het eerst taken en toetsen zelfstandig af en kon min of meer mee met de rest van de klas. Deze positieve evolutie in combinatie met zo goed als geen nevenwerkingen, maakt het aanvaardingsproces voor ons als ouders een pak makkelijker.

Thuis blijft het moeilijk, want ik krijg het niet over mijn weke moederhart om hem een pilletje te geven wanneer het geen school is. Al merk ik zelf ’s ochtends de merkwaardige ommekeer wanneer hij vroeg uit de veren is en ik hem al snel het pilletje toedien zodat ik zelf toch ook nog even kan genieten van een voorbeeldig kind. De tijd vóór hij het neemt, is hij humeurig en probeert hij meestal de boel op stelten te zetten door zijn zussen op stang te jagen en/of door op alles wat ik vraag koppig nee te antwoorden. Welgeteld een kwartier na de inname verandert hij in een aangename, lieve jongen die zich bewust is van zijn omgeving. Hij wordt behulpzaam én begint steevast op te ruimen. Alsof zonder pilletje de chaos in zijn hoofd te groot is en er veel dingen aan hem voorbij gaan. Mét pilletje gaat er een wereld voor hem open en kan hij die ook ten volle in zich opnemen.

Gisteren stootte ik op een interessante uiteenzetting van Jelle D’Helft, zelf een trotse ADHD’er, over de stoornis en medicatie. Hij schetst een, naar mijn gevoel, correct en eerder positief beeld van kinderen met ADHD. Onze zoon heeft inderdaad oog voor detail, ís zeer empathisch, heeft zijn eigen uitgesproken talenten en ís een geweldig kind. We hebben dan ook doorheen de jaren leren omgaan met zijn moeilijkere gedrag en complexe karakter, want zoals Jelle zegt: het kind zelf heeft er geen last van, maar wel de mensen rondom hem. Onze zoon heeft inderdaad zelf weinig last van zijn ADHD en bijhorende gedragsperikelen, maar wel van onze reactie daarop.

Verder gaat de lezing over een eventueel gezonder alternatief voor Rilatine. De onderzoeken, testen en resultaten zien er veelbelovend uit en hebben onze interesse als bezorgde ouders alvast gewekt. We hebben dan ook besloten om met het alternatief aan de slag te gaan. Eerst in combinatie met de rilatine in de hoop dit op termijn niet meer nodig te hebben. Ik hou jullie op de hoogte!

adhd

Wat bezielt een moeder?

Drie jaar geleden waren we een tijdje een ‘crisisgezin’. We deden aan crisisopvang, een vorm van pleegzorg waarbij je voor een kortere periode een kind opvangt dat onmogelijk thuis kan blijven, in afwachting van een meer definitieve oplossing. Tijdens een lange, donkere nacht schreef ik het volgende.

een-kans

Wat bezielt een moeder om haar kind in de steek te laten? Wat bezielt de familie van die vrouw om de zorgen voor het kind niet even over te nemen? Is er geen lieve oma of een tante die het kind graag ziet en het niet over haar hart krijgt om het bij wildvreemden achter te laten? Geen opa, geen nonkel, … ?

Voor ons lijkt het allemaal absurd, onbegrijpelijk. Wij willen een avondje weg en vinden in onze telefoon al gauw een paar contacten waaraan we kunnen vragen of ze onze kroost een avondje of nacht onder hun hoede willen nemen. Zijn we te ziek om onze kindjes van school te halen, eten te maken, te entertainen, … geen nood, de oma’s staan paraat!

Voor mensen als wij is die back-up, dat vangnet, onze achterban normaal en vanzelfsprekend, maar als er één ding is wat ik uit ons pleegzorgavontuur geleerd heb, dan is het wel dat niet alle mensen  zijn zoals wij. Dat niet alle mensen evenveel geluk hebben, maar er soms echt helemaal alleen voor staan.

Voor mensen zoals wij is het blijkbaar moeilijk te beseffen dat niet iedereen in dezelfde omstandigheden leeft en omringd wordt door een hechte familie of vriendenkring. Mensen zijn bovendien bang van de miserie van een ander en blijven er liefst zo ver mogelijk van weg. Als crisisgezin kan het niet anders dan dat je rechtstreeks geconfronteerd wordt met de problemen van een ander, met een totaal andere wereld, ver van ons bed, waar we liefst zo weinig mogelijk van af weten.

N was het tweede kindje dat bij ons kwam. Vanaf de eerste nacht sliep hij rustig door. Hij at goed, heel goed zelfs. Rustigere en bravere kindjes dan hem kom je niet vaak tegen. Ik vroeg me dan ook wel eens af waarom het in godsnaam zo moeilijk kon zijn om voor hem te zorgen.

Tot die nacht dat hij huilend wakker werd. Ik lag net een uurtje in bed. Hij was onrustig, leek kortademig en voelde zich benauwd. Je eigen kind ken je, je weet als moeder wanneer het ziek is, je voelt het wanneer het ernstig is. Maar N was nog maar een week bij ons. Mijn buikgevoel zei me dat het niet OK was, maar midden in de nacht zijn je opties beperkt. Doodmoe probeerde ik hem urenlang te kalmeren. Ik durfde niet te slapen, te ongerust, in paniek zelfs.

Mijn man was zoals gewoonlijk met geen stokken wakker te krijgen waardoor ik er die nacht alleen voor stond. En toen gebeurde het … Ik voelde de wanhoop van een moeder die ten einde raad is. Ik begreep de vrouw die het niet aankan om voor haar kind te zorgen, hoe graag ze hem of haar ook ziet. Ik besefte dat ík die moeder zou kunnen zijn.

Maar zelf heb ik een goeie vent die me soms na een zware nacht ’s ochtends wat langer in bed laat liggen. Héél af en toe komt hij zelf al eens uit bed om één van onze kindjes te troosten of weer onder te stoppen. Maar wat als dat niet het geval is? Wat als je er nacht na nacht alleen voor staat met je schreiende baby of zieke peuter? Wat als je dag in dag uit alleen verantwoordelijk bent voor dat kleine wezentje en er niemand is om het, al was het maar een uurtje, van je over te nemen?

We weten allemaal dat moeder zijn verdomd hard en moeilijk is. Zelfs de meest evenwichtige, sterke vrouwen raken al eens uit balans door de zware en afmattende  verantwoordelijkheid die op onze frêle schouders rust. De onzekerheid, de twijfel, de angst om te falen, de schuldgevoelens, … het vreet aan je. Het kán je klein krijgen als er niemand aan je zij of achter je staat om je af en toe te zeggen dat je de beste moeder van de wereld bent, dat je goed bezig bent en je best wat meer tijd voor jezelf mag nemen omdat je het verdient.

it-takes-a-village-to-raise-a-child

Detox: mission accomplished

Een week geleden startten mijn man en ik met een sapjesdetox. Een echt plan hadden we niet, maar dat hebben we eigenlijk nooit… Hoe lang zouden we het doen? Minstens 3 dagen, bij voorkeur een week. We zullen wel zien …

Mijn inspiratie voor de sapjes haalde ik vnl. op https://www.libelle.be/gezond/drink-je-fit-met-sap/  en vulde ik verder aan met receptjes allerhande en eigen creaties.

Dag 1 t.e.m. 3 ging verrassend vlot: geen hongergevoel, geen futloos gevoel, geen slecht humeur, geen overdreven goestingskes. Al groeide de honger en goesting wel gestaag naar het einde van dag 3 toe. Omdat deze drie dagen zo vlot verliepen, besloten we om verder te doen. Zelfs manlief blijft enthousiast hoewel hij wat zijn jeuk betreft nog geen beterschap voelt.

         

Dag 4 was een zeer moeilijke dag, vnl. omdat het zaterdag was. Er wordt dan uitgebreid gekookt voor de kinderen én samen gezellig getafeld. Ik moet dan ook toegeven dat ik af en toe gezondigd heb met een hapje uit het bord van de kinderen. Ook had ik hoofdpijn en voelde ik me niet bepaald energiek. Manlief kroop ’s avonds in bed met barstende hoofdpijn.

Dag 5 ging vlotter omdat de kinderen een groot deel van de dag uit huis waren en ik dus niet constant met eten geconfronteerd werd. Manlief dronk nog sapjes, maar kon het gewone eten niet laten liggen. Hij klaagde van verschrikkelijke jeuk en voelde zich continu ‘onderkoeld’, alsof zijn lichaam geen energie meer over had om op te warmen.

Dag 6 t.e.m. verliep zonder noemenswaardige problemen al vroeg het meer en meer moeite om sommige sapjes naar binnen te werken. Geen hoofdpijn, geen overdreven hongergevoel noch onweerstaanbare drang naar iets om mijn tanden in te zetten, behalve wanneer ik ’s avonds de kinderen te eten gaf. Er verdween helaas dan ook heel af en toe een klein stukje in mijn mond.

De eindbalans is positief! Na deze week heb ik duidelijk meer energie en voel ik me op één of andere manier ‘lichter’ en ‘zuiverder’. Er zijn een paar kilootjes af natuurlijk, maar het gaat vooral over het gevoel dat je vaak hebt na een maaltijd. Dat opgeblazen, zware, lome gevoel heb ik de laatste week niet gekend en dat is heerlijk. Ik kan niet zeggen dat mijn huid meer straalt, maar manlief zei daarnet nog dat ik er echt wel beter uit zie (en nee, hij had niks nodig).

Verder vond ik het zalig om nog eens te voelen wat ‘honger’ is. Ik moet toegeven dat ik dat gevoel héél lang niet meer heb gehad en wat ik voordien ‘honger’ noemde was bij nader inzien gewoon ‘goesting’.

Het verschil voelde ik vooral ’s ochtends. Opstaan bleef even moeilijk, maar eens uit bed en aan de slag met die verse groenten en fruit kreeg ik elke ochtend weer een kleine energieboost. Een ander klein, maar vermeldenswaardig detail is de ‘ochtendadem’ die minder onaangenaam was. Ik zal niet zeggen dat hij nu naar bloemetjes geurt, maar het verschil is duidelijk merkbaar.

Moeilijk vond ik vooral het gemis van het sociale leven waar eten – in ons gezin althans – enorm mee verweven is. Eten maakt ons nu eenmaal heel gelukkig en je kan helaas aan mij zien dat ik de laatste jaren heel gelukkig ben geweest 😉 

Gemiddeld 1 keer per week gaan we op restaurant met de hele bende en dat zijn telkens weer leuke gezinsmomenten waar we enorm van genieten. Dat viel nu volledig weg. 

Samen aan tafel eten is iets waar we thuis veel waarde aan hechten. Ik heb deze momenten de voorbije week dan ook gemist. Zodra het eten voor de kinderen klaar was en ze aan tafel zaten, kon ik beginnen met het sapje. Bovendien mag je wel stellen dat eten klaar maken voor je kroost terwijl je zelf vergaat van de honger een ware marteling is. Ik beken dat ik af en toe een stukje vlees en een lepeltje puree heb meegepikt, maar al bij al is dat heel beperkt gebleven. Manlief had het er moeilijker mee en kon het niet laten om al wat op de borden van onze kinderen (en dat zijn er 4!) bleef liggen, naar binnen te spelen.

Het vroeg ook best wel wat organisatie om de sapjes op tijd klaar te maken. De eerste dagen stond ik vroeger op om wederhelft zijn sapje te maken. Tegen dat het klaar en op was, moest hij alweer vertrekken. Dan kon ik beginnen aan de sapjes voor tussendoor. Na enkele dagen maakte ik ’s avonds onze voorraad sap (een drietal verschillende) klaar voor de volgende dag. Gelukkig kunnen wij ’s middags thuis komen lunchen, want anders moest ook dat sapje ’s ochtends klaargemaakt worden. Mensen die een hele dag uit werken zijn, moeten dus in principe 3 à 4 sapjes maken om de werkdag door te komen.


En nu? Omdat er aangeraden wordt je ongezonde eetgewoontes af te bouwen voor je aan de kuur begint, lijkt het me ook raadzaam om langzaam weer op te bouwen. Ik ben van plan nog even meer sapjes dan vaste voeding te eten, maar ik kijk er zó naar uit om morgenmiddag een lekker slaatje te eten. Ik weet nu dat mijn lichaam genoeg heeft aan veel minder en dat wil ik zo houden. Mijn porties zullen vanaf nu vééééél kleiner zijn.

Tot slot nog enkele tips die mij geholpen hebben om het vol te houden:

  1. Giet je sapje in een leuk glas. Het oog wil ook wat.
  2. Drink met een rietje. Hierdoor drink je trager en raak je sneller verzadigd.
  3. Zorg voor voldoende receptjes zodat je variatie in het menu kan brengen.
  4. Maak een kleine voorraad van je favoriet en bewaar in de koelkast (max. 2 dagen) of vriezer voor wanneer je het moeilijk hebt.
  5. Voeg kruiden toe als je de smaak maar niks vind. Wat peper of currypoeder kan wonderen doen.
  6. Maak eens een groentensapje warm als je de sapjes beu bent. Een welkome afwisseling.
  7. Zorg dat je het druk hebt. Op rustige momenten voel je de honger en de goesting sneller.

Meer foto’s op instagram.

To juice or not to juice?

 

Zoals ik schreef in mijn allereerste blogje Zal ik of zal ik niet? ga ik het bloggen gebruiken als stimulans om nieuwe dingen te proberen. Voor al die dingen waar ik al maanden, soms jaren over nadenk en ooit wel eens wil proberen, heb ik nu een extra reden om er eindelijk werk van te maken.

Eén van die dingen is een detoxkuur volgen. Na de feestdagen, voor de zomer, na de zomer … eigenlijk het hele jaar door worden er in de vrouwenblaadjes allerhande manieren om te detoxen gepromoot. Zo’n sapjeskuur heeft mij altijd het meest aangesproken en het aanstekelijke enthousiasme van een vriendin die het hele jaar door elke dag een superleuke foto van een sapje post op instagram   en facebook heeft me finaal over de streep getrokken. Let’s juice!

Er zijn heel wat soorten sapmakers op de markt, maar ik koos voor een slowjuicer. Na de aankoop van zo’n toestelletje en er een heleboel groenten en fruit doorgejaagd te hebben zijn mijn gezin en ik alvast erg enthousiast!

  1. De meeste van de brouwsels zijn lekker tot zelfs verrukkelijk!
  2. De slowjuicer doet zijn naam geen eer aan, want het maken van een sapje gaat verrassend snel.
  3. Het toestelletje ziet er mooi uit. Het is zeker geen storend element op het keukenaanrecht.
  4. Het is makkelijk te gebruiken én veilig voor de kinderen die maar al te graag zelf aan de slag gaan.
  5. De juicer laat zich vlotjes uit elkaar halen, schoonmaken en weer in elkaar steken. In het begin is het even zoeken, maar eens je het systeem onder de knie hebt, klikt alles vanzelf in elkaar.
  6. Fruit en groenten in overvloed: ik ben nog nooit zo vaak naar de winkel moeten rijden om onze voorraad groenten en fruit aan te vullen. Zelfs selder ligt nu standaard in onze koelkast en wordt door de kinderen gegeten, euh … gedronken.

lectuur
Kijk ook even in de kist voor meer interessante lectuur!
Na de experimenteerfase is het nu tijd voor het serieuzere werk. Enkele uren op het wereldwijde web bracht mij bij de Australiër Joe Cross. Hij heeft zijn lichaam ‘ge-reboot’ door een hele periode alleen maar sapjes te drinken. Hierdoor is hij natuurlijk veel gewicht verloren, voelt hij zich veel energieker én heeft hij zichzelf genezen van een ernstige huidaandoening waarvoor hij zware medicatie nam.

Wil je meer weten? Neem dan een kijkje op http://www.rebootwithjoe.com en bekijk zeker zijn film  http://www.fatsickandnearlydead.com/. Het heeft mij in elk geval nog meer gemotiveerd om het te proberen. Bovendien heeft mijn wederhelft al jaren last van huiduitslag die gepaard gaat met jeuk en een branderig gevoel. Deze klachten lijken verdacht veel op die van de Australiër en aangezien geen enkele dokter, dermatoloog, geen zalfje noch crème soelaas kan brengen is hij meer dan bereid om het met een sapjeskuur te proberen.

Mijn zoektocht naar meer informatie over juicen/detoxen/rebooten heeft me het volgende geleerd:

  1. Het is belangrijk om de ongezonde levensstijl die je al dan niet hebt, langzaam af te bouwen. Over een weekje gespreid steeds minder en minder koffie, minder brood, minder chocola, minder … van alles dus in mijn geval.
  2. Dé gouden regel van het juicen is om niet alleen fruit om te toveren tot een sapje, maar zeker ook groenten te gebruiken. Dit is van belang om de suikerinname te beperken. Men raadt meestal een verhouding van 70/30 aan, d.w.z. 70 % groenten en 30% fruit.
  3. Rond dag 3 of 4 gaan de meeste detoxers blijkbaar door een hel: hoofdpijn, grieperig gevoel, futloosheid, …
  4. Na een week voelen de meeste juicers zich veel energieker dan voor de kuur.

Morgen starten we met de kuur en volgende week volgt natuurlijk een uitgebreid verslag!

greenkids

 

Photo credit: Eef Van Den Bulck

Mama, ik ben een 7 op 10


“Mama, hij geeft mij een 7/10.” Mijn moederhart reageert geschokt. Wat? Is mijn dochter maar een 7 op 10? Met haar prachtig blauwe ogen, blonde haren en volle lippen … Is die jongen blind?

Voorzichtig polste ik hoe zij zich voelde bij die magere 7. Ze leek er best tevreden mee. Ik had het natuurlijk kunnen weten, dat mijn oudste dochter niet wakker ligt van een 7. Voor een schooltoets is ze ook blij met dat getal. Waarom een 9 halen als een 6 toch meer dan voldoende is? Je kan haar geen ongelijk geven natuurlijk, maar toen ik nog voor de klas stond, kon ik mij mateloos ergeren aan deze mentaliteit, aan dit soort schaamteloze gemakzucht.

In deze situatie kan ik echter alleen maar blij zijn dat mijn dochter er zo over denkt. Het is heerlijk om haar te zien stralen wanneer ze het over de jongen in kwestie heeft, maar de hartzeer en het liefdesverdriet die hier onvermijdelijk mee gepaard gaan, wil ik haar liever nog even besparen.


Na een korte periode van aanstellerige aandachttrekkerij op de speelplaats, werden er wat berichtjes heen en weer gestuurd op de sociale media. Zo kreeg dochterlief te horen dat hij haar ook wel zag zitten, maar dat het nog maar net uit was met zijn vorige vriendinnetje en hij voorlopig nog niet klaar was voor een nieuwe relatie. Wablief?

Waar halen die kinderen dat toch? Amper 12 en ze spelen de eerste de beste stationsroman na tijdens en na de schooluren. Wat moet dat zijn als ze 16 zijn, of 18? Ik mag er niet aan denken!

Nu, we weten allemaal wat dat betekent ‘er nog niet klaar voor zijn’. Het is niet meer dan een beleefde manier om iemand wandelen te sturen. Gelukkig zag mijn dochter het zoals gewoonlijk van de positieve kant. Gewoon wachten tot hij er wel klaar voor is.

Zo simpel is het leven wanneer je 12 bent. Jammer toch dat we die zalige naïviteit na een tijdje verliezen. En wat een zonde dat we ons later niet eens meer herinneren hoe gelukzalig zorgeloos we ooit door het leven fladderden. Maar daar hebben we dan tienerdochters voor die ons af en toe een glimp tonen van hoe eenvoudig het leven kan zijn.

Ik heb je precies gemist …

Al 3 keer vandaag ben ik begonnen met schrijven. Evenveel keer ben ik gestopt omdat het een te negatief verhaal dreigde te worden. Ik zat dan ook al enkele dagen in een dipje. 2 weken kerstvakantie met 4 kids 24/7 onder mijn hoede begon zijn tol te eisen.

Dringend behoefte aan wat tijd alleen. Weer naar toilet kunnen gaan zonder gezelschap, een half uurtje douchen zonder lastig gevallen te worden, over iets kunnen nadenken zonder 5 keer onderbroken te worden of 2 paar billen schoon te vegen.

img_7669
Het ‘zorgen voor’ viel me de laatste dagen zwaar. De hele dag door zat ik te vitten op de kinderen waardoor zij dan weer nerveus werden en nog meer op mijn zenuwen gingen werken. Een vicieuze  cirkel noemen ze dat. Het duurt dan altijd even voor ik besef dat niet mijn kinderen het probleem zijn, maar ikzelf.

Vooral onze oudste zoon reageert slecht op mijn occasionele dipjes. Van onze 4 kinderen is hij degene die mij haarfijn aanvoelt. Ben ik verdrietig, dan voelt hij zich ook niet bepaald happy en zegt hij dingen als “Ik ben verdrietig, maar ik weet niet waarom…”  Hij zal de eerste en vaak de enige zijn die het merkt en me (on)bewust meer aandacht geven.

Ben ik chagrijnig, boos, kwaad, … dan zal hij zich ook behoorlijk lastig gedragen.

img_2372-2Zo draaien we regelmatig naar een dieptepunt toe, zoals gisteren en vandaag. Vandaag besloten we dan maar na een lange dag vloeken, zagen en vitten op de kinderen om met zijn allen uit eten te gaan. Wokken. Tegen openingstijd zou het wel rustig zijn, dan hoeven we ons niet te erg te schamen als het ook daar niet lukt om het perfecte gezinnetje te spelen.
Tijdens de autorit heen hadden mijn man en ik het er, tussen het gesakker en geruzie door, over hoe zwaar het de laatste tijd was en dat er dringend iets moet veranderen … Je kent dat wel, veel meer dan dat wordt er dan meestal ook niet gezegd. Geen concrete maatregelen, geen nieuwe afspraken of dwingende veranderingen.

Het eerste uur was het inderdaad erg rustig in het restaurant en de kinderen zo mak als een lammetje. We strooiden dan ook royaal met de nodige complimentjes. Hoelang was dat in godsnaam geleden? Dat ik mijn kinderen nog eens een complimentje heb gegeven, een beloning voor goed gedrag. Praise your child … We hebben het nochtans tot vervelens toe gehoord en geleerd in de Tripple P cursus enkele jaren geleden.

Onze kinderen genoten zichtbaar van het moment, van het eten, van de rust, maar vooral van de aandacht. Ook ik had plots weer het gevoel te genieten van mijn eigen kinderen, van hun verhalen, hun gekke bekken, hun aanwezigheid.

Na anderhalf uur liep het restaurant stilaan vol en dropen wij af. Iedereen happy en voldaan. De sfeer in de auto op de terugweg was in niets te vergelijken met de heenreis. Ik leek wel 10 keer meer energie te hebben dan enkele uren daarvoor.

Thuis gaf onze oudste zoon Jef me een knuffel en zei: “Ik heb jou precies gemist.”

9 jaar en hij weet mij als geen ander telkens weer diep in mijn hart te raken. Het is dat woordje precies dat het ‘em doet. Hij voelt iets vaags binnenin en probeert het in woorden uit te drukken. En hij doet dat hartverscheurend goed.

Hij drukt mij onbewust met mijn neus op de feiten: de moeder die hij nodig heeft, was er de voorbije dagen niet. Hij had de lieve versie van mij gemist. Dit noemen ze een wake-up call. Een eyeopener. Een sjot onder uw gat. Maar vooral: een keerpunt.

Morgen wordt een fantastische dag!

Instagram: liesscheers

Gestolen momenten met mijn kroost

Als werkende moeder van 4 actieve kinderen met een man die niet vaak thuis is, is het allesbehalve evident om tijd voor jezelf vrij te maken. Daar heb ik al lang geleden vrede mee genomen. Gelukkig maar, want anders was mijn leven een hel, denk ik.

Hoe hou je het dan in godsnaam vol? Soms gaat het vanzelf, soms is het pompen of verzuipen!

Je moet echt creatief zijn en het geluk niet te ver gaan zoeken. Nu bijvoorbeeld zit ik alleen aan de ontbijttafel. Het is 9u en de jongens slapen nog wat je best een klein mirakel mag noemen. Ons Josefientje hangt lui voor de tv. De oudste is met papa reeds vroeg mee naar zee vertrokken waar hij moet optreden met zijn jachthoorngroep Waldo. En ik … Ik geniet met volle teugen van de rust en van mijn kop oploskoffie met ketnetmusical op de achtergrond terwijl ik uitkijk op onze rommelige tuin die voor de winter nog dringend een beurt nodig heeft/had. Mijn zicht wordt deels belemmerd door het overvolle wasrek, maar dat zijn zorgen voor later. Straks een paar serietjes kijken terwijl ik strijk: nog me-time … It’s my lucky day!

2543497018_b4fd66c5-e720-46ab-868e-d6f08f41c43a

Het is zonder twijfel een kunst om te genieten van de kleine dingen en het lukt mij zeker ook niet altijd. Meestal sta ik er alleen voor met de kinderen en dan is er weinig ruimte in mijn hoofd om (onbewust) op zoek te gaan naar een bron van klein geluk. Toch zijn er manieren die ik gaandeweg ontdekt heb en je kunnen helpen om meer rust te creëren thuis met de kinderen.

Eentje minder: Ik heb gemerkt dat wanneer 1 van de 4 uit huis is, de overblijvers elkaar veel meer opzoeken en beter samenspelen. Wanneer Jef zaterdagvoormiddag zijn voetbalmatch speelt, Marie naar een vriendinnetje is, Lau een beetje langer in de opvang blijft of Josefientje mee met Bommeke is om daar van de exclusieve aandacht te genieten, dan lijkt het alsof het evenwicht wordt verstoord en de kinderen dit zelf op een meestal positieve manier willen herstellen.

Eentje meer: Je zou denken dat 4 meer dan genoeg is, maar wanneer iemand een vriendje uitnodigt, verloopt alles vaak ook veel rustiger. De kids entertainen dan zichzelf, al lukt dit niet met alle vriendjes. Je merkt al gauw met welke kindjes de klik het grootst is. De ene verdwijnt de hele namiddag mee naar de kamer zodat je zijn of haar aanwezigheid niet eens merkt. De andere staat elk half uur bij je in de keuken om iets te vragen of te vertellen.

Verstand op nul: Soms moet je even doen alsof je niet merkt dat  ze de woonkamer of hun slaapkamer aan het verbouwen zijn. Overtuig jezelf ervan dat er niet veel kan gebeuren en ga de schade later opmeten. Bereid je voor op het ergste, dan valt het meestal wel mee. Wacht nog een paar jaar om je huis te herschilderen en stel de aankoop van dat nieuwe salon uit.

Beter buiten: Vooral tijdens de lange, donkere winterdagen is het vaak moeilijk om je kroost tevreden te houden. Wanneer ze zelfs op de tablet uitgekeken zijn, is het misschien tijd om te vluchten.  Meestal hebben ze absoluut geen zin om te vertrekken, maar eens we buiten zijn zie je hen al snel genieten. Ravotten in het bos, klimmen  in de speeltuin, wandelen met de hond, de schaapjes verderop in de straat of de eendjes in het park gaan voederen, … Kies een plek waar ze veilig kunnen rondlopen en waar bij voorkeur ook een comfortabel bankje staat zodat ook jij even kan ontspannen en vanop een afstand kan genieten van het schouwspel.

image

Het kind in jezelf: Zelf vind ik het heel moeilijk om echt “mee te spelen” met de kinderen. Ik moet toegeven dat ik mijn kinderen heel vaak afwimpel wanneer ze mij vragen om met hen te spelen. Dit komt niet alleen door tijdsgebrek (het eten moet klaar, de strijk moet in de kast, die mail moet nog verstuurd, …) maar ook omdat ik er gewoon geen zin in heb. Het is een knop die je moet omdraaien en dat vraagt soms een inspanning. Toch merk ik, wanneer ik het wel doe, dat het heel veel voldoening geeft. Je leert je kinderen kennen op een andere manier, je ziet hen even zoals hun vriendjes hen zien, je leert hun wereld kennen, krijgt meer toegang tot hun gedachten en leefwereld. Het is voor mij vaak een hele openbaring!

2543497018_0be9722e-50d0-4bde-9659-a80617847abf

Instagram: liesscheers

Zal ik of zal ik niet?

Van kinds af aan heb ik geschreven, dagboeken vol, van in de lagere school tot in het middelbaar. Zelfs als jongvolwassen vrouw lag er altijd wel een notitieschriftje naast mijn bed. Bij elke zwangerschap hield ik een dagboek bij waarin ik de eerste levensjaren bleef schrijven. Ik mag hopen dat mijn kinderen me later toch een beetje dankbaar zijn om die (vaak nachtelijke) uren van schriftelijke arbeid.

image.jpeg

Schrijven is mijn manier om orde te scheppen in de chaos in mijn hoofd. Ik ben een goede slaper, meestal kruip ik in bed en slaap ik nog voor mijn hoofd het kussen raakt. Toch zijn er af en toe nachten dat ik wakker lig, dat ik me zorgen maak over de meest idiote dingen, dat alle worst case scenario’s de revue passeren. Dan denk ik aan niks en aan honderd dingen tegelijk. Pure chaos in mijn hoofd.

Dan weet ik dat er van slapen niet veel in huis komt en dan sta ik op. Ik sta op om te schrijven. Soms zet ik mij aan de computer. Soms neem ik pen en papier en zet ik me op een krukje in de badkamer tegen de warme chauffage. Uren schrijf ik dan om letterlijk alles op een rijtje te zetten, om orde te scheppen in de verwarrende chaos in mijn hoofd. Na zo’n slapeloze nacht ben ik dan doodmoe, maar tegelijkertijd voel ik me veel beter dan de dag voordien. Dan is mijn hoofd helder en alles weer duidelijk.

Ik schrijf graag en dat is mijn belangrijkste reden om te bloggen. Maar schrijf ik ook goed genoeg? Wie zit er in godsnaam te wachten op mijn hersenspinsels? Waarover moet ik schrijven? Wil ik ons leven wel zo openbaar maken? Is het überhaupt wel interessant genoeg om over te schrijven en vooral om gelezen te worden?

Eerlijk gezegd heb ik meer redenen om niet te bloggen dan motieven om het wel te doen. En toch waag ik de sprong. 2017 wordt voor mij het jaar van zelfontplooiing, van werken aan mezelf en meer tijd nemen voor mezelf. Bloggen zal daar hopelijk een belangrijke rol in spelen.

Ik zie het als een excuus om eindelijk al die veranderingen door te voeren waar ik al jaren over denk. Een manier om ons saaie leven een beetje interessanter te maken, nieuwe dingen te proberen zodat ik er kan over schrijven. Een extra motivatie om de voornemens voor het nieuwe jaar vol te houden.

Mijn blog gaat op 31/12 om middernacht echt van start. Een nieuw jaar, een nieuw begin van een spannend avontuur. Daar klink ik op!

image

Instagram: liesscheers