Column Kleurrijk #4: Gene van ons

“Hoe jouw naam?”

Onbevreesd en zelfzeker stapt hij op iemand af en stelt oprecht geïnteresseerd de vraag. Mensen lijken altijd eventjes verrast wanneer een klein ventje allesbehalve verlegen iets van hen te weten wil komen.

“Ik ben Lauwjens” , volgt er dan meestal nog met een ontwapenende glimlach op zijn gezichtje.

Mijn man en ik kijken dan even naar elkaar en knikken begrijpend, want we weten wat de ander denkt: “Het is toch echt gene van ons …”

Zelf waren we als kind en puber eerder verlegen en terughoudend. Onze andere drie kinderen erfden deze eigenschap van ons. De oudste dochter was als kind zelfs extreem verlegen en we hebben er heel bewust en lang aan gewerkt om die timiditeit te overwinnen. Met succes, al zal ze nooit een tafelspringer worden. De andere twee hadden hier iets minder last van, maar waren toch ook eerder verlegen te noemen. Iets waar onze jongste absoluut geen problemen mee heeft.

In de wachtkamer bij de logopedist  laat hij zonder twijfelen zijn geschaafde elleboog zien aan een wachtende mama en begint honderduit te vertellen wat hem op school overkomen is. Dit zouden onze andere drie nooit gedaan hebben.

Iemand vroeg me onlangs hoe wij het hele ‘nature nurture* – concept’ ervaren. Een goeie vraag die me aan het denken zette.

Er zijn veel details waardoor we met de neus op het feit gedrukt worden dat hij gene van ons is, maar het is vaak moeilijk om er de vinger op te leggen.

Anderzijds zijn er ook veel gelijkenissen met onze kinderen. Hij is een even grote waterrat als de anderen, maar dat komt dan weer omdat we veel zwemmen. Hij is even zot van auto’s als onze oudste zoon destijds, maar dat is waarschijnlijk te wijten aan het feit dat mijn man carrossier is. Hij is een even grote – misschien zelfs grotere – knuffelbeer, daar heb ik zelf met veel plezier voor gezorgd. Hij brengt ons aan het lachten met dezelfde oneliners  als zijn broer en zussen, maar het komt op een zoveel grappigere en schattigere manier uit zijn mond omdat hij nog zo klein is. Hij heeft een even sterke wil als zijn jongste zus en is even koppig als zijn broer.

Ik maak me wel eens zorgen als ik aan zijn biologische moeder denk, aan de problemen waarmee zij te kampen heeft. Het soort problemen dat vaak genetisch bepaald wordt. Het soort problemen waarvan iedere ouder vurig hoopt dat zijn kind er nooit mee te maken krijgt. Dan hoop ik dat de opvoeding die wij hem geven sterker zal doorwegen dan zijn genen. Dat we hem weerbaar en emotioneel sterk genoeg kunnen maken zodat hij de eventuele spoken in zijn hoofd zelf de baas kan.

Hoe ouder hij wordt, hoe kleiner onze invloed zal zijn en hoe zwaarder zijn aanleg zal wegen. Het boezemt ons angst in voor de toekomst, das waar, maar het motiveert ons daarentegen nog meer om onze kinderen een warm nest te geven, een veilige thuis waar ze terecht kunnen met hun zorgen en problemen. We proberen bewust te werken aan een goede band met onze kinderen zodat ze zonder bang te zijn bepaalde dingen aan ons kunnen vertellen. Vooral die dingen die we misschien liever niet hadden geweten …

*Het nature-nurture-debat (aanleg-opvoeding-debat) is de discussie omtrent de oorsprong van de eigenschappen van een individu. In deze discussie bestaan meerdere standpunten, die variëren tussen twee extremen:
  • Nature: alle eigenschappen van het individu zijn bepaald door aanleg, bijvoorbeeld het genetisch materiaal.
  • Nurture: alle eigenschappen van het individu zijn bepaald door opvoeding, voornamelijk door de leefomgeving.

Week van de Pleegzorg: dag 1

Vandaag start de Week van de Pleegzorg (van 9 tot 18 november). Als pleeggezin zijn we dagelijks getuige van wat Pleegzorg kan betekenen in het leven van een kind. We hadden de eer een aantal kinderen tijdelijk een thuis te geven. Elke keer opnieuw was het een zeer leerrijke en positieve ervaring.

Week pleegzorg 2018

Wij zijn alleen maar enthousiast. De meeste mensen rondom ons ook, maar zelf de stap zetten en het pleegzorgavontuur aangaan lijkt een brug te ver. Dat begrijp ik ook, het is niet niks, het vraagt een inspanning van het hele gezin en van je omgeving. Maar, neem het van mij aan, je krijgt er zó veel voor terug.

Pleegzorg blijft, ondanks alle campagnes en activiteiten, een grote onbekende. Het blijft me verbazen hoeveel mensen nog steeds niet weten wat Pleegzorg is. Heel graag zou ik daar verandering in brengen. Daar móet verandering in komen.

Dat is ook waarom ik op mijn blog af en toe vertel over ons leven als pleeggezin. Dat is waarom ik op facebook en instagram alle posts van Pleegzorg Vlaanderen consequent like en deel.

Dat is ook waarom ik tijdens deze Week van de Pleegzorg elke dag een blogpostje zal schrijven met daarin telkens een goede reden om je kans als pleeggezin te wagen. Dat ik mijn lezers daarmee kan overtuigen om naar een info-avond te gaan of al was het maar een kijkje te nemen op de website van Pleegzorg Vlaanderen, zou mooi meegenomen zijn. Maar hé, voel je niet verplicht en geniet gewoon van mijn verhaaltje.

Pleegzorg is een verruiming van je eigen leefwereld.

De wereld ligt aan onze voeten. We kunnen overal naartoe, alle kennis ligt binnen handbereik, met één muisklik wordt onze wereld oneindig groot. Toch blijft onze leefwereld vaak heel klein. We hebben vrienden, kennissen, collega’s waar we mee omgaan. Doorgaans zijn dat mensen die op dezelfde lijn zitten, veelal hetzelfde denken over de meeste dingen. Het is aangenaam om in die beperkte kring te vertoeven. Het is bekend, vertrouwd, het voelt veilig.

Toch kan het interessant zijn, bevrijdend zelfs om je leefwereld een beetje te verruimen door nieuwe dingen te proberen: een opleiding volgen, van job veranderen, een andere dan je stamkroeg binnenstappen, nieuwe mensen met andere verhalen leren kennen.

Door Pleegzorg is er voor ons een hele andere wereld opengegaan. Een wereld die niet altijd even mooi is, waar we liever zo min mogelijk mee te maken hebben. Je vangt een kind op en leert noodgedwongen zijn of haar ouders kennen. Het zijn mensen, zoals jij en ik, met een eigen verhaal. Een drama, een thriller, … nooit een komedie.

Mijn man heeft er absoluut geen behoefte aan om de ouders te leren kennen. Hoe minder hij weet, hoe neutraler hij zich kan opstellen tegenover het kind, hoe makkelijker het voor hem is om het kind een tijdje gewoon graag te zien.

Ik daarentegen ben wat nieuwsgieriger van aard en heb het net nodig om min of meer te weten wat er schuilgaat achter de situatie. Hoe moeilijk ook, ik probeerde steeds onbevooroordeeld naar hen te luisteren. Het heeft me geleerd dat álle ouders die we leerden kennen hun kinderen écht graag zien en oprecht het beste voor hen willen, maar door omstandigheden lukt het hen niet. Allemaal worden ze verteerd door schuldgevoel. Ze zijn boos op ‘het systeem’ dat hun kinderen afpakte, op Pleegzorg, op de consulente van Jeugdzorg, op iedereen … maar vooral op zichzelf.

Ik verwachtte dat die boosheid ook tegen ons zou gericht zijn, maar niets is minder waar. Ondanks al die negatieve emoties, waren ze steeds dankbaar. Dankbaar dat hun kind bij ons terecht kon, dat wij dit voor hen wilden doen. Dat op zich vind ik al heel wat: ondanks de boosheid en verdriet om het  verlies van je kind, toch nog die dankbaarheid kunnen opbrengen en zelfs heel expliciet uiten. Respect!

Verslaving, financiële problemen, gezondheids- of mentale problemen, … er zijn heel wat redenen die een mens het noorden doen verliezen. Zelf hebben we een achterban die het even van ons kan overnemen, maar lang niet iedereen heeft die luxe. Ze staan er alleen voor, wat minder stevig in hun schoenen en dan loopt het al eens mis. Daar moeten we begrip voor opbrengen én ervoor zorgen dat ook die mensen, maar vooral hun kinderen ergens terecht kunnen.

open mind open heart