Ploeteren of suikerspinnen?

Er verscheen een nieuw boek ‘Van gin tot pap’. Ik heb het nog niet gelezen. An Lemmens ook niet, maar dat belette haar niet een reactie de wereld in te sturen.

Het boek van Isabel Boons met bijhorende facebookgroep belicht o.a. de minder rooskleurige kant van het moederschap en geeft in één adem enkele tips mee om het leven met je kleine ettertjes draaglijker te maken. Ik heb het nog niet gelezen, al heb ik wel door dat dit met een dikke vette knipoog geschreven is, maar tegelijkertijd worden de pijnpunten van het moederschap zwart op wit en eerlijk op papier gezet. Het boek past, zoals An Lemmens terecht opmerkt, perfect in de ‘ploetermoedertendens’. Een tendens waar ze zich aan stoort.

Het ‘mama zijn’ is voor An alleen maar geweldig. Ze stoort zich aan het constant negatief voorstellen van het moederschap op de sociale media. Misschien heeft ze wel een punt. Het regent ploetermoeders die steen en been klagen over hoe zwaar het opvoeden van hun kroost is. Die snakken naar tijd voor zichzelf, naar tijd zonder de kinderen, naar een leven waarin ze niet alleen maar moeder zijn.

Ik reken mezelf tot de club van de ploetermoeders. Ik zie er meestal ook zo uit. Het woord is me op het lijf geschreven. Wanneer mijn kroost niet naar school is, draait mijn leven bijna uitsluitend rond hen waardoor ik geen tijd heb om er piekfijn uitgedost en er even stralend uit te zien als An wanneer ze op TV komt.

Mijn leven als moeder is zoals het is omdat ik het zo wil. Mijn kinderen worden zelden door de grootouders van school gehaald, ze worden uitsluitend door mij van de ene hobby naar de andere gereden. Dat is zo omdat ik het op die manier wil en – dankzij een geweldige job – zo kan.

Vind ik dat leuk? NEE. Zeur ik daarover? JA!!! Dat deed ik trouwens nog vol overgave in mijn vorig blogpostje Verschil moet er zijn van verleden week.

Ik ben zo’n moeder die inderdaad opgelucht adem haalt wanneer ik ’s ochtends de schoolpoort uit wandel. Aaaah, een uur of 6 rust. Rustig achter mijn computer op het werk zonder constant nodig te zijn. Een gezellige middagpauze met het ventje, een uurtje waarin we zowaar een echt gesprek kunnen voeren zonder onderbroken te worden of euh … op andere manieren constructief aan onze relatie kunnen werken.

Hoe blij ik ook ben wanneer ik hen even op school kan droppen, elke dag, iets voor vieren, kijk ik er ook weer naar uit om hen op te halen. Ik heb hen dan soms echt gemist die dag. Het is een mes dat aan twee kanten snijdt.

In tegenstelling tot An, ben ik zo’n moeder die soms om 19u al verlangend naar de klok kijkt om dan zuchtend te denken ‘nóg een uur of twee voor ze weer allemaal in bed liggen’. Er zijn écht wel zo van die dagen … Ik schaam me daar niet (meer) voor. Ik dacht dat iedere moeder dit wel eens zo ervaarde en dat gaf me het geruststellende gevoel niet ‘abnormaal’ te zijn.

Bij An is dit blijkbaar niet zo. Ze heeft naar eigen zeggen in de bijna vier jaar dat ze moeder is geen enkele keer gevloekt, noch gezucht. Misschien is het omdat ze er slechts eentje heeft, maar ík kan me daar als moeder van vier écht niets bij voorstellen. Er is elke dag wel eens een moment dat de moed me in de schoenen zakt, dat ik mijn leven als moeder even niet leuk vind. Ik ben oprecht blij voor An en andere mama’s die het moederschap zo beleven en ben razend benieuwd naar hun geheim.

Niets is altijd alleen maar goed. Mensen die hun job kei graag doen, hebben toch ook al eens een baaldag op het werk? Bij een koppel dat zielsveel van elkaar houdt, zit toch ook al wel eens een haar in de boter? Een moeder die haar kinderen doodgraag ziet, wil hen toch ook wel eens achter het behang plakken?

Op deze blog lucht ik vaak mijn moederhart. Ik schrijf mijn twijfels, mijn schuldgevoel, mijn dagelijkse strijd om een goede moeder te zijn eerlijk van me af. Soms deel ik het met een klein hartje op facebook, maar wanneer ik de reacties lees van andere mama’s die zich erin herkennen ben ik blij en voel ik me weer een beetje meer een goede moeder.

Ik denk dat er in iedere mama zowel een ploetermoeder als een An Lemmens schuilt. Het is de uitdaging voor elke moeder om die twee in evenwicht te houden. Helaas lukt dat niet altijd. De ene dag draait alles in de soep, de andere zit ik samen met An op haar roze suikerspinnenwolk te glunderen.

moeder-worden-is-een-wonder-moeder-zijn-een-heel-gedonder

Stoornis hier, stoornis daar

Ik schoot weer vol, daar in dat piepkleine kamertje van het diagnosecentrum. De logopediste vertelde me nochtans niets wat ik nog niet wist. Ze bevestigde alleen maar wat we al lang vermoedden: onze oudste zoon heeft dyslexie en dysorthografie. Weer twee vakjes uit het gamma der  stoornissen die we kunnen aanvinken op het gezinslijstje.

Waarom raakt het me zo als een of andere deskundige me vertelt wat er ‘scheelt’ met één van mijn kinderen? Ik hoef nochtans geen perfecte kinderen. Ik hou van de scheve hoekjes en scherpe kantjes die ze hebben. Het maakt ons gezinsleven boeiend, maar zeker niet altijd makkelijk. Steeds weer vinden we samen een manier om ermee om te gaan, al is het soms met hard vallen en wankel opstaan.

Waarom heb ik steeds opnieuw een tijdje nodig om te aanvaarden wat de ‘specialist’ terzake ons vertelt? Is het omdat er meestal ook een heel traject met een of andere therapie, extra maatregelen en gesprekken op school bij hoort?

Of is het omdat ik als leerkracht weet wat een weg hem in het onderwijs te wachten staat? Dat hij dubbel zo hard zal moeten werken om hetzelfde te bereiken?

Is het omdat ik als moeder bang ben dat het mijn kind ongelukkig zal maken. Dat hij het oneerlijk zal vinden en al de extra inspanningen beu zal worden. Dat hij zal kiezen voor de gemakkelijke weg en daardoor zijn dromen niet waar kan maken.

Of is het gewoon het oermoederinstinct dat wakker wordt en gevaar ruikt om dan elke vezel in mijn lichaam te activeren zodat ik mijn kind kan beschermen voor de grote, boze wereld die hem te wachten staat? Een wereld die voor iedereen hard kan zijn, laat staan voor iemand die op een of andere manier niet is zoals hij zou moeten zijn.

Wat er ook van zij, als leerkracht weet ik dat het onderwijs van vandaag heel wat aanbiedt om ook kinderen met leerstoornissen de beste kansen te geven.

Als moeder weet ik dat mijn zoon een vechter is, een volhouder wanneer hij een doel voor ogen heeft.

Als mama weet ik dat ons gezin, hoe chaotisch en crazy het er soms ook aan toe gaat, sterk genoeg is om dit kleine obstakeltje te overwinnen.

Yes, we can!

Mama is ziek

Ik breng al 3 dagen door op onze doorgezakte zetel. Alles doet pijn, koorts, hoesten, snotteren … Klinkt als de griep. Uitzieken, meer kan ik niet doen.

Zondag was hels, want dan liepen de kinderen hier rond. Behalve de oudste, gedroegen ze zich alsof ik niet ziek was. Ze leken het niet te zien. Hoewel papa er was, richtten ze zich tot mij voor eten, drinken, grote boodschap, kleine boodschap, aandacht, gezelschap, …

Dan pas merk je hoe alles hier in huis rond jou draait. Hoe iedereen op jou rekent. Hoe alles evident is.

Wanneer ik halfdood in de zetel lig, rillend van de kou, verstopt onder een dikke dons gaat alles min of meer zijn gewone gangetje. Manlief, als hij er is, doet zijn best, maar ziet niet de dingen die ík zie. Manlief hanteert andere … euh … normen wat het huishouden betreft.

Wanneer de medicatie zijn werk doet en ik weer even rechtop kan zitten en helder denken, zie ik het slagveld rondom mij. Een oorlogszone om u tegen te zeggen. Speelgoed overal. Lege potjes yoghurt, drankflesjes, papflessen, vuile borden en glazen, half opgegeten fruit, … het blijft liggen waar de kinderen het droppen.

Niets, maar dan ook niets lijkt voor hen evident. Een deur sluiten, het licht doven, afval in de vuilnisbak, vuil servies in de afwas, speelgoed in de juiste bak.

Dit besef doet me nadenken, want dat is waar je eindelijk tijd voor hebt als je alleen thuis bent en in alle rust kan uitzieken.

Stel je voor dat ik er niet meer ben, ernstig, langdurig ziek of erger … dood. Wat als ik er niet meer ben om alle rommel van mijn kroost op te ruimen, om voor schone kleren te zorgen, eten op tafel te toveren. Ik weet dat de oudste dan zal doen wat ze moet doen. Dat heeft ze al vaker bewezen. Zo is ze nu eenmaal, maar dat zal niet genoeg zijn en het is ook niet haar taak om een uit de kluiten gewassen gezin en bijhorend huishouden draaiende te houden. Daar zijn mama’s en gelukkig soms ook papa’s voor.

Conclusie: er moet hier thuis dringend iets veranderen. Hoog tijd dat mijn kinderen beseffen dat wat ik voor hen en in hun plaats doe niet evident is.

Halleluja! Deze griep is een echte eye opener: er is werk aan de winkel. Heel wat huishoudelijke taken zullen hier voortaan ‘intern uitbesteed’ worden. De tafel dekken en weer afruimen, de was vouwen, afstoffen, stofzuigen, … voor ieder wat wils.

Of ben ik nu aan het ijlen door de koorts?

Stop de tijd

Heeft het te maken met het naderende einde van 2017, ik weet het niet, maar de laatste tijd overpeinzen we regelmatig de dingen. Het leven. Ons leven.

Elke keer opnieuw komen we tot het besluit dat het goed is zoals het is. Dat er niks meer moet veranderen, niet het kleinste detail. Alles lijkt te kloppen … evenwicht, balans, controle.

Controle over alles wat ons het liefste is: ons gezin, onze kinderen. Voorlopig vormen we nog één blok. Altijd samen op pad, samen thuis, samen ruzie, samen gelukkig. Maar dat kan niet blijven duren. De tijd kan je niet stoppen. Onze kinderen groeien, worden ouder, zelfstandiger en hebben ons minder nodig.

Voorlopig weten wij, als ouders, altijd waar onze kinderen zijn. Wij bepalen waar en met wie ze zijn. Ze zijn veilig. Maar ooit zal het anders zijn. Ooit zullen ze thuis vertrekken en van het leven gaan genieten, van hun vrijheid proeven. Ze zullen van het ene feestje naar het andere trekken. Ze zullen omgaan met mensen die je niet kent en op plaatsen vertoeven die jij niet kent. Ze zullen je vertrouwen op de proef stellen én beschamen.

Maar hopelijk komen ze steeds terug. Zoeken ze steeds weer de geborgenheid en veiligheid op van ons gezin. Ik hoop het …

Het is nu moeilijk te vatten, maar ooit zullen we niet elke seconde van elke dag weten waar onze vier schatten uithangen. Ze zullen niet langer elke nacht onder ons dak slapen.

Loslaten heet dat dan. Een onvermijdelijk iets, maar zolang het niet moet, gaan we het niet doen. En gaan we genieten van onze kroost, dicht bij ons, altijd bij ons, 24/7, …

Schreef ik daar ooit geen stukje over? Over die ettertjes die werkelijk altijd rond mij hangen? Zelfs wanneer ik op toilet zit of eindelijk eens onder de douche sta?

Ach ja, je weet wel wat ik bedoel. Als ouders groeien we ook, hoop ik. Ooit zullen we er de voordelen van zien, zullen wij ónze herwonnen vrijheid appreciëren en met beide handen grijpen.

Verloren zoon

We waren hem kwijt, onze zoon. Geen spoor meer van ons vurig, maar lief en bij wijlen vrolijk ventje. Hij werd ongemerkt vervangen door een onherkenbaar, nors, in zichzelf gekeerd jongetje. We noemden hem altijd al ‘licht ontvlambaar’, maar de laatste maanden was hij ronduit agressief. Een verkeerde blik, een achteloze aanraking, … alles kon zijn korte lontje doen ontsteken en dan kon je je maar beter uit de voeten maken. Scheldtirades, gebrul, gevloek, allerhande verwensingen, zelfs een slag of stoot … We kregen het allemaal naar ons hoofd geslingerd.

Op geen enkel moment was hij nog voor rede vatbaar. We hadden het gevoel alle grip op hem te verliezen. We werden bang voor de toekomst en dachten met doodsangst aan de puberteit die binnen enkele jaren alles zo mogelijk nóg complexer zou maken.

img_2372

We twijfelden aan onszelf, als ouders. Nóg meer dan anders. Wat deden we mis? Waren we te streng, of net te laks? Maakten we niet genoeg tijd voor onze kinderen? Meerdere keren stelden we onszelf en elkaar die vraag, vaak met de tranen in de ogen.

Op een bepaald moment voel je als ouder dat het niet meer lukt. Daar is niks mis mee, maar wat is het moeilijk om toe te geven dat je je kind niet meer de baas kan.  Het gevoel te falen in je belangrijkste taak, in je rol als moeder … het maakt je gelijk met de grond en raakt je tot in de kern van je bestaan.

Tijdens een gesprek op school legde zijn juf voorzichtig de link met de medicatie die hij ondertussen een jaar nam voor zijn ADHD. Zelf had ik daar ook al aan gedacht, en ja, we gaven het de laatste maanden meer, niet meer uitsluitend voor school, maar ook op vrije dagen om het thuis aangenamer te maken.

Ze verzekerde ons dat hij ondertussen een stevige basis van de leerstof had en dat het concentratieprobleen opgevangen kon worden. Reden genoeg voor ons om de Rilatine overboord te gooien, want dat was oorspronkelijk de enige reden waarom we vorig jaar toch onze toevlucht namen tot medicatie: zijn concentratieprobleem met als gevolg een grote leerachterstand.

img_2030
Wat er toen gebeurde, is moeilijk te geloven. Na amper 2 dagen keerde geleidelijk aan de rust in huis weer terug. Elke dag vonden we een stukje van onze zoon terug. Hij herontdekte de lego, de auto’s, zijn eigen fantasie en creativiteit. Hij zocht weer meer contact met ons, met zijn broer en zussen. Hij leefde minder en minder in zijn eigen wereldje en beleefde weer zichtbaar plezier in de interactie met de mensen om zich heen.

Na een week hadden we onze zoon helemaal terug. Vurig, maar handelbaar. Van al onze kinderen vraagt hij nog steeds de meeste aandacht en niet altijd op de juiste manier, maar er zijn weer meer goede dan slechte momenten. Hij heeft nog regelmatig uitbarstingen, maar krijgt zichzelf meestal weer net op tijd in de hand. Die zelfbeheersing was hij volledig kwijt.

Het is afwachten wat de invloed op zijn schoolresultaten zal zijn, maar eerlijk gezegd is dat het minst van mijn zorgen. Hij komt er wel, het is een volhouder, hij weet wat hij wil en gaat er ook voor.

Wij hebben onze zoon terug, hij is weer gelukkig en dat is voorlopig meer dan genoeg.

aandachtvragen

 

Geen verlof voor pleegouders: flashback

Vandaag las ik in de krant van gisteren dat pleegouders nog steeds geen recht op verlof hebben wanneer ze een kindje verwelkomen in hun gezin. Het deed me terugdenken aan de tijd dat onze pleegzoon, toen net geboren, in ons gezin kwam. Aanvankelijk in crisisopvang, maar nu, bijna 3 jaar later, is hij – godzijdank – nog steeds in ons leven.

Op een winterse maandagavond kregen we een telefoontje van pleegzorg. Of we een pasgeboren baby’tje wilden opvangen. Mijn hart deed een vreugdesprongetje … eindelijk een boeleke. De oudste dochter die tegen mijn wang geplakt het gesprek volgde, kon evenmin haar enthousiasme onder stoelen of banken steken. Natúúrlijk wilden wij dat baby’tje even een thuis geven. Zonder er verder over na te denken… Maar dan, de hoorn op de haak, de adrenalineshot neemt af, reality checks in.

Oei, een baby’tje moet naar een crèche of onthaalmoeder wanneer ik ga werken. Vlug alle crèches opzoeken in de buurt en opbellen. Welke babyspullen hebben we nog allemaal in de kelder steken? Veel, maar niet genoeg. Even een sms’je rondsturen. Allerlei dingen waar je normaal 9 maanden de tijd voor hebt, moesten nu in sneltempo geregeld worden. Maar kijk, het lukte en toen we 2 dagen later die wolk van een baby op de materniteit gingen halen, waren alle praktische zaken tip top in orde.

Waar we echter niet op waren voorbereid, waren de onderbroken nachten. Je zit met een pasgeboren baby’tje en alles wat erbij hoort, maar het leven gaat gewoon door. Die wekker begint nog steeds te kwelen om 6u30. Je wordt verwacht op je werk, ook wanneer je amper 2 uurtjes geslapen hebt. Geen ouderschapsverlof, geen kraamhulp, niks.

Toen leek dat best te lukken, je leeft op automatische piloot, je cijfert jezelf volledig weg en doet wat je moet doen. Een mens is vaak sterker dan hij denkt en een moeder kan bergen verzetten, maar er zijn grenzen. Ook bij mij was na een half jaar het vat af. Ik ben diep in het rood gegaan en dat heb ik nog lange tijd moeten bekopen.

Maar kijk, die baby wordt een peuter en is ondertussen een kleuter. Hoe onmenselijk zwaar die eerste maanden ook waren, het zijn momenten als de eerste schooldag, enkele weken geleden, waar je het voor doet. De zelfzekerheid waarmee ons ventje vrolijk door de schoolpoort stapt, daar hebben wij mee voor gezorgd. Hoe ons pleegzorgverhaal ook afloopt, wij hebben hem alvast een stevige basis gegeven, weerbaar gemaakt, hopelijk bestand tegen het harde leven dat hem te wachten staat. Dat gevoel is onbetaalbaar en geeft ons enorm veel voldoening.

Wij zouden het zo opnieuw doen, maar ik begrijp dat anderen ervan terugschrikken. Je wil een kind in nood opvangen en alles geven wat het op dat moment zó nodig heeft: een stabiele omgeving, rust, een warme thuis en liefde, … veel liefde. Dat kost niks, alleen maar tijd. Tijd die er niet is, tenzij je heel veel opoffert en je je eigen leven eventjes on hold zet. Tijd die de overheid kan bieden door ook pleegouders eindelijk recht op verlof te geven. Tijd die ongetwijfeld meer gezinnen over de streep zal trekken om pleegzorg een kans te geven.

Elk jaar zijn er ongeveer 500 kinderen in Vlaanderen die in de kou blijven staan bij gebrek aan pleeggezinnen. Dat zijn 2 op 3 pleegzorgaanvragen die niet positief beantwoord kunnen worden.

Komaan politici, het wetsvoorstel ligt klaar, waar wachten jullie op?

time

 

 

Lieve Marie

Lieve Marie

We moeten eens praten. De tijd is daar. Je bent duidelijk geen klein meisje meer, je wordt groter, haast een puber. Dat merk ik, je verandert, niet alleen je uiterlijk, maar ook je gedrag. Je bent op zoek  naar jezelf, naar wie je worden wil. Je kopieert, je probeert iets nieuws, je experimenteert, je valt en staat weer op.

Je wordt zelfstandiger en begint meer en meer je eigen leven te leiden. Dat zorgt soms voor spanningen hier in huis en dat neem ik je misschien af en toe een beetje kwalijk. Het evenwicht van weleer, de jarenlange routine wordt verstoord en het is met zijn allen zoeken naar een nieuwe balans.

Ik probeer je raad te geven, heel voorzichtig want je stelt het meestal niet op prijs. Je doet alsof je me niet hoort, maar de uitdrukking op je mooie gezicht zegt iets anders.

Ik lever commentaar, zeg wat je anders moet doen en hoe je het moet doen. Ik observeer je, viseer je, gefascineerd door je transformatie. Ik erger me aan je nonchalance, aan je onverschilligheid en de oppervlakkigheid waarmee je naar de dingen kijkt. Ik maak je er attent op en span een zaag. Tegen beter weten in, want diep vanbinnen weet ik dat dit erbij hoort. Dat jij geen uitzondering bent, maar een beginnende puber.

Maar lieve schat, ik geef je nog 1 goede raad: blijf mij negeren, hou geen rekening met wat ik zeg en blijf vooral jezelf. Stiekem ben ik jaloers op hoe je momenteel in het leven staat. Zorgeloos, naïef en onverschillig. Oorlogen, aanslagen en hongersnoden gaan grotendeels aan je voorbij. Je ligt alleen maar wakker van je kapsel, je vriendinnen en het aantal likes op je laatst geposte foto.

Al vang ik af en toe een glimp op van de jonge vrouw die je zal worden. Dan stel je een ernstige vraag of maak je een weldoordachte opmerking over een actueel wereldprobleem. Dan ben ik weer gerustgesteld en weet ik dat het in orde komt.

Een gevoel van trots overvalt me wanneer je je voeten veegt aan de mening van een ander, wanneer je opkomt voor jezelf en met een lach op je gezicht zegt ‘Ik voel me goed zo en dat is het enige dat telt!’

Ik heb altijd gedacht dat jij van al mijn kinderen het minst (of helemaal niet) op mij lijkt en dat voelt als moeder een beetje vreemd. Maar de laatste tijd vind ik in jou meer en meer trekken van mezelf terug. Dat flinterdunne rebelse laagje onder die brave buitenkant, die bescheiden eigenzinnigheid en dat je m’en foutisme heb je van mij en daar ben ik zó blij om. Die houding zal het leven later zoveel draaglijker en interessanter maken.

Dus lieve meid, verander niet, ook al zeur ik en zeg ik dat je moet luisteren. Doe verder zoals je bezig bent, maar laat dat gerol met je ogen achterwege en ruim je eigen rommel op!

marieblog

Het leven vieren

Wij vieren al eens graag het leven. Vooral in de zomerperiode hebben we heel wat ‘feestjes’ met familie of vrienden. Omdat we 4 kinderen hebben is het niet evident zonder hen de bloemetjes buiten te zetten, maar we hebben ondertussen een uitgebreide vriendenkring mét kinderen waarmee we regelmatig samenkomen om bij te babbelen rond de barbecue of bij een lekker glas wijn. Dat noemen we feestjes.

2543497018_61bf87d2-3abf-4b14-9ab5-973970b4efaaMet de familie gebeurt dit ook regelmatig, bovenop de verjaardagen, trouwerijen, doopfeesten en babyborrels. Gezellig samenzijn met een hoop mensen gewoon omdat de zon schijnt of omdat iedereen toevallig tijd heeft … dat noemen wij een feest.

Wijzelf proberen bewust van het leven te genieten, zowel met het hele gezin als met twee. Wanneer de kinderen in bed liggen durven we al eens een flesje kraken, meestal in het weekend, maar even goed midden in de week. 2543497018_3f40a542-a1e3-4794-800c-0a3528d2206fWaarom ook niet? Je raakt de volgende ochtend iets moeilijker uit bed en je hebt een paar koffies meer nodig bij het ontbijt, maar die gestolen momenten van gezelligheid en qualitytime als koppel zijn onbetaalbaar en maken het soms zware ouderschap een pak aangenamer. Dan vieren we niet alleen het leven, maar ook vooral de liefde. Want geloof me, met 4 kinderen is het niet evident om het vuur brandend te houden.

Zo proberen we minstens om de 2 weken een babysit te nemen zodat we eens rustig kunnen bijpraten. De kinderen vonden het eerst maar niks, zo’n oppas en er zijn er al enkelen de revue gepasseerd, maar sinds ik chips en frisdrank in huis haal telkens de babysit komt én ze dan langer mogen opblijven, maken ze er hun eigen feestje van.

2543497018_09d5d7e0-e34b-4854-99f7-2c7146136c32Omdat we onze kinderen willen leren genieten van het leven én van de kleine dingen, hebben we met ons zessen thuis regelmatig een feestje op vrijdagavond om het weekend te vieren. Dan haal ik mijn nest van school en van de crèche, passeren we met zijn allen langs de supermarkt om hapjes en drankjes in te kopen. Normaliter drinken wij alleen maar water thuis, maar als het feest is, mag dat frisdrank zijn. Zodra iedereen dan ’s avonds thuis is, kan het feestje beginnen. Kaarsjes aan, hapjes op tafel, glaasjes gevuld, tv aan en van elkaar genieten. Meer moet dat echt niet zijn!

leefvandaag

AD(H)D is top!

Mijn oudste zoon heeft ADHD. Dat is geen geheim. We hadden al langer een vermoeden dat er iets niet klopte in zijn hoofd, dat hij meer dan intelligent genoeg was, maar dat het er om een of andere reden niet uitkwam. Dat zijn brein vaak in overdrive ging waardoor zijn licht ontvlambaar karaktertje te regelmatig vonkte. Dit zorgde thuis wel eens voor problemen waardoor we op zoek gingen naar alternatieve methodes om ermee om te gaan. Homeopathie, osteopathie, bachbloesemtherapie, psychotherapie, voedingssupplementen, … noem maar op. Alles hebben we geprobeerd, helaas zonder het verhoopte resultaat.

Vorige lente lieten we hem op aanraden van de school testen en tegen de zomer stond het mooi op papier. Voor velen in onze omgeving kwam dat niet als een verrassing. Onze Jef is altijd een speciaal geval geweest, geen gemakkelijk kind.

adhd3

Anderen vielen totaal uit de lucht. Hij is inderdaad niet opvallend hyperactief en buitenshuis weet hij zich meestal behoorlijk, vaak zelfs voorbeeldig te gedragen. Dit kost hem dan zoveel moeite dat we dat thuis vaak dubbel en dik moeten bekopen. Zijn overgevoeldige aard maakt het allemaal nog een beetje complexer.

We probeerden het eerst nog zonder medicatie. De school ’t Klavertje  deed sowieso heel veel om het uiterste uit onze jongen te halen, maar zijn achterstand werd steeds groter. Tot de juf aangaf dat het echt heel moeilijk liep, dat hij zich nog geen minuut kon concentreren. Ook huiswerk maken was onbegonnen werk. Een opdracht die een kwartier zou mogen duren, nam bij ons anderhalf uur in beslag. Anderhalf uur ruzie, frustratie, agressie, verdriet en wanhoop …

Na vele slapeloze nachten, getob en getwijfel hakten we dan toch de knoop door en ging onze zoon aan de Rilatine. Bang afwachten welke nevenwerkingen  hem parten zouden spelen, wakker liggen van de gevolgen op lange termijn die nog niemand kent.

Op school zorgde dit voor een wonderbaarlijke verandering. Vanaf dag 1 merkte de juf op dat hij ongelooflijk gefocust was. Hij werkte voor het eerst taken en toetsen zelfstandig af en kon min of meer mee met de rest van de klas. Deze positieve evolutie in combinatie met zo goed als geen nevenwerkingen, maakt het aanvaardingsproces voor ons als ouders een pak makkelijker.

Thuis blijft het moeilijk, want ik krijg het niet over mijn weke moederhart om hem een pilletje te geven wanneer het geen school is. Al merk ik zelf ’s ochtends de merkwaardige ommekeer wanneer hij vroeg uit de veren is en ik hem al snel het pilletje toedien zodat ik zelf toch ook nog even kan genieten van een voorbeeldig kind. De tijd vóór hij het neemt, is hij humeurig en probeert hij meestal de boel op stelten te zetten door zijn zussen op stang te jagen en/of door op alles wat ik vraag koppig nee te antwoorden. Welgeteld een kwartier na de inname verandert hij in een aangename, lieve jongen die zich bewust is van zijn omgeving. Hij wordt behulpzaam én begint steevast op te ruimen. Alsof zonder pilletje de chaos in zijn hoofd te groot is en er veel dingen aan hem voorbij gaan. Mét pilletje gaat er een wereld voor hem open en kan hij die ook ten volle in zich opnemen.

Gisteren stootte ik op een interessante uiteenzetting van Jelle D’Helft, zelf een trotse ADHD’er, over de stoornis en medicatie. Hij schetst een, naar mijn gevoel, correct en eerder positief beeld van kinderen met ADHD. Onze zoon heeft inderdaad oog voor detail, ís zeer empathisch, heeft zijn eigen uitgesproken talenten en ís een geweldig kind. We hebben dan ook doorheen de jaren leren omgaan met zijn moeilijkere gedrag en complexe karakter, want zoals Jelle zegt: het kind zelf heeft er geen last van, maar wel de mensen rondom hem. Onze zoon heeft inderdaad zelf weinig last van zijn ADHD en bijhorende gedragsperikelen, maar wel van onze reactie daarop.

Verder gaat de lezing over een eventueel gezonder alternatief voor Rilatine. De onderzoeken, testen en resultaten zien er veelbelovend uit en hebben onze interesse als bezorgde ouders alvast gewekt. We hebben dan ook besloten om met het alternatief aan de slag te gaan. Eerst in combinatie met de rilatine in de hoop dit op termijn niet meer nodig te hebben. Ik hou jullie op de hoogte!

adhd

Wat bezielt een moeder?

Drie jaar geleden waren we een tijdje een ‘crisisgezin’. We deden aan crisisopvang, een vorm van pleegzorg waarbij je voor een kortere periode een kind opvangt dat onmogelijk thuis kan blijven, in afwachting van een meer definitieve oplossing. Tijdens een lange, donkere nacht schreef ik het volgende.

een-kans

Wat bezielt een moeder om haar kind in de steek te laten? Wat bezielt de familie van die vrouw om de zorgen voor het kind niet even over te nemen? Is er geen lieve oma of een tante die het kind graag ziet en het niet over haar hart krijgt om het bij wildvreemden achter te laten? Geen opa, geen nonkel, … ?

Voor ons lijkt het allemaal absurd, onbegrijpelijk. Wij willen een avondje weg en vinden in onze telefoon al gauw een paar contacten waaraan we kunnen vragen of ze onze kroost een avondje of nacht onder hun hoede willen nemen. Zijn we te ziek om onze kindjes van school te halen, eten te maken, te entertainen, … geen nood, de oma’s staan paraat!

Voor mensen als wij is die back-up, dat vangnet, onze achterban normaal en vanzelfsprekend, maar als er één ding is wat ik uit ons pleegzorgavontuur geleerd heb, dan is het wel dat niet alle mensen  zijn zoals wij. Dat niet alle mensen evenveel geluk hebben, maar er soms echt helemaal alleen voor staan.

Voor mensen zoals wij is het blijkbaar moeilijk te beseffen dat niet iedereen in dezelfde omstandigheden leeft en omringd wordt door een hechte familie of vriendenkring. Mensen zijn bovendien bang van de miserie van een ander en blijven er liefst zo ver mogelijk van weg. Als crisisgezin kan het niet anders dan dat je rechtstreeks geconfronteerd wordt met de problemen van een ander, met een totaal andere wereld, ver van ons bed, waar we liefst zo weinig mogelijk van af weten.

N was het tweede kindje dat bij ons kwam. Vanaf de eerste nacht sliep hij rustig door. Hij at goed, heel goed zelfs. Rustigere en bravere kindjes dan hem kom je niet vaak tegen. Ik vroeg me dan ook wel eens af waarom het in godsnaam zo moeilijk kon zijn om voor hem te zorgen.

Tot die nacht dat hij huilend wakker werd. Ik lag net een uurtje in bed. Hij was onrustig, leek kortademig en voelde zich benauwd. Je eigen kind ken je, je weet als moeder wanneer het ziek is, je voelt het wanneer het ernstig is. Maar N was nog maar een week bij ons. Mijn buikgevoel zei me dat het niet OK was, maar midden in de nacht zijn je opties beperkt. Doodmoe probeerde ik hem urenlang te kalmeren. Ik durfde niet te slapen, te ongerust, in paniek zelfs.

Mijn man was zoals gewoonlijk met geen stokken wakker te krijgen waardoor ik er die nacht alleen voor stond. En toen gebeurde het … Ik voelde de wanhoop van een moeder die ten einde raad is. Ik begreep de vrouw die het niet aankan om voor haar kind te zorgen, hoe graag ze hem of haar ook ziet. Ik besefte dat ík die moeder zou kunnen zijn.

Maar zelf heb ik een goeie vent die me soms na een zware nacht ’s ochtends wat langer in bed laat liggen. Héél af en toe komt hij zelf al eens uit bed om één van onze kindjes te troosten of weer onder te stoppen. Maar wat als dat niet het geval is? Wat als je er nacht na nacht alleen voor staat met je schreiende baby of zieke peuter? Wat als je dag in dag uit alleen verantwoordelijk bent voor dat kleine wezentje en er niemand is om het, al was het maar een uurtje, van je over te nemen?

We weten allemaal dat moeder zijn verdomd hard en moeilijk is. Zelfs de meest evenwichtige, sterke vrouwen raken al eens uit balans door de zware en afmattende  verantwoordelijkheid die op onze frêle schouders rust. De onzekerheid, de twijfel, de angst om te falen, de schuldgevoelens, … het vreet aan je. Het kán je klein krijgen als er niemand aan je zij of achter je staat om je af en toe te zeggen dat je de beste moeder van de wereld bent, dat je goed bezig bent en je best wat meer tijd voor jezelf mag nemen omdat je het verdient.

it-takes-a-village-to-raise-a-child