Bang, bang Driesje

Beste Dries*

Ik zag je filmpje met je oproep om het Migratiepact tegen te houden. Benieuwd als ik ben, heb ik het bekeken. En ik bleef kijken … en luisteren.

Want Driesje, wat doe jij dat goed!

Zoals alle andere filmpjes was ook dit weer heel uitnodigend en aantrekkelijk met goed gekozen beelden om jouw boodschap duidelijk te maken, aangevuld met een heldere, voor iedereen verstaanbare uitleg. Je spreekt vlot in een verzorgd Vlaams, je articuleert zoals het hoort en met voldoende intonatie. Je zoekt oogcontact en slaagt erin de aandacht van je publiek vast te houden.

Jij zou leraar moeten worden, Dries, maar NIET van mijn kinderen. Blijf jij maar ver uit hun buurt. De vluchteling die hier sinds kort in ons dorp woont daarentegen, die zou mijn kinderen heel wat kunnen bijbrengen als het over de belangrijke waarden in het leven gaat.

Iets zegt me dat jij gelukkig nooit leraar zal worden. Geen enkele directeur zou het voorlopig nog aandurven om jou een job te geven als leerkracht. Bovendien denk ik dat jouw ambities elders liggen. Je brengt je overtuigende verhaal vanop de lederen achterbank van een rijdende auto. Zoals altijd strak in het maatpak en met een rimpelloos gestreken hemdje. Je chauffeur komt niet in beeld, maar ik stel me er een iets oudere man bij voor die er even afgeborsteld uitziet als jij, mét kepie en bijpassende handschoentjes aan.

Je laat een levensstandaard uitschijnen waar de gemiddelde student alleen maar van kan dromen, laat staan de gemiddelde leerkracht die elke dag opnieuw voor zijn of haar leerlingen staat en hen iets waardevols probeert bij te brengen.

Ik begrijp goed waarom er nog steeds mensen zijn die dwepen met jouw beweging en jouw propagandafilmpjes slaafs delen en bewieroken. Ze zijn bang voor het onbekende dat jij als een groot gevaar mooi in beeld brengt.

Het beangstigt mij wanneer ik op facebook de reacties van je achterban lees op mijn opmerking bij het filmpje. Elke werkgever, elke schooldirecteur zou geld geven voor zulke gedreven en gepassioneerde medewerkers. Het is alleen jammer dat hun enthousiasme en passie gevoed worden door sterke haatgevoelens jegens een groep mensen waar ze hoogstwaarschijnlijk nog nooit  persoonlijk mee te maken gehad hebben.

Ze lijken me zo ongelukkig, Dries, die volgers van jou. Ze zijn zo gefixeerd op het grote kwaad dat jij hen systematisch blijft voorschotelen, dat ze vergeten gewoon gelukkig te zijn met wat ze hebben, met wat de wereld ons te bieden heeft.

Het verontrust mij, Driesje, dat nog steeds zo veel mensen bang zijn voor het onbekende en zich laten beïnvloeden door jouw manipulerende boodschappen op sociale media. Het stemt me triest dat jouw mensen door hun angst niet meer verder kunnen – of willen – kijken dan hun eigen bekrompen wereldje en al het mooie daarbuiten beetje bij beetje uit het oog verliezen.

Ze weten niet wat ze missen, Dries.

angst

* Van Langenhove

Stoornis hier, stoornis daar

Ik schoot weer vol, daar in dat piepkleine kamertje van het diagnosecentrum. De logopediste vertelde me nochtans niets wat ik nog niet wist. Ze bevestigde alleen maar wat we al lang vermoedden: onze oudste zoon heeft dyslexie en dysorthografie. Weer twee vakjes uit het gamma der  stoornissen die we kunnen aanvinken op het gezinslijstje.

Waarom raakt het me zo als een of andere deskundige me vertelt wat er ‘scheelt’ met één van mijn kinderen? Ik hoef nochtans geen perfecte kinderen. Ik hou van de scheve hoekjes en scherpe kantjes die ze hebben. Het maakt ons gezinsleven boeiend, maar zeker niet altijd makkelijk. Steeds weer vinden we samen een manier om ermee om te gaan, al is het soms met hard vallen en wankel opstaan.

Waarom heb ik steeds opnieuw een tijdje nodig om te aanvaarden wat de ‘specialist’ terzake ons vertelt? Is het omdat er meestal ook een heel traject met een of andere therapie, extra maatregelen en gesprekken op school bij hoort?

Of is het omdat ik als leerkracht weet wat een weg hem in het onderwijs te wachten staat? Dat hij dubbel zo hard zal moeten werken om hetzelfde te bereiken?

Is het omdat ik als moeder bang ben dat het mijn kind ongelukkig zal maken. Dat hij het oneerlijk zal vinden en al de extra inspanningen beu zal worden. Dat hij zal kiezen voor de gemakkelijke weg en daardoor zijn dromen niet waar kan maken.

Of is het gewoon het oermoederinstinct dat wakker wordt en gevaar ruikt om dan elke vezel in mijn lichaam te activeren zodat ik mijn kind kan beschermen voor de grote, boze wereld die hem te wachten staat? Een wereld die voor iedereen hard kan zijn, laat staan voor iemand die op een of andere manier niet is zoals hij zou moeten zijn.

Wat er ook van zij, als leerkracht weet ik dat het onderwijs van vandaag heel wat aanbiedt om ook kinderen met leerstoornissen de beste kansen te geven.

Als moeder weet ik dat mijn zoon een vechter is, een volhouder wanneer hij een doel voor ogen heeft.

Als mama weet ik dat ons gezin, hoe chaotisch en crazy het er soms ook aan toe gaat, sterk genoeg is om dit kleine obstakeltje te overwinnen.

Yes, we can!

Verloren zoon

We waren hem kwijt, onze zoon. Geen spoor meer van ons vurig, maar lief en bij wijlen vrolijk ventje. Hij werd ongemerkt vervangen door een onherkenbaar, nors, in zichzelf gekeerd jongetje. We noemden hem altijd al ‘licht ontvlambaar’, maar de laatste maanden was hij ronduit agressief. Een verkeerde blik, een achteloze aanraking, … alles kon zijn korte lontje doen ontsteken en dan kon je je maar beter uit de voeten maken. Scheldtirades, gebrul, gevloek, allerhande verwensingen, zelfs een slag of stoot … We kregen het allemaal naar ons hoofd geslingerd.

Op geen enkel moment was hij nog voor rede vatbaar. We hadden het gevoel alle grip op hem te verliezen. We werden bang voor de toekomst en dachten met doodsangst aan de puberteit die binnen enkele jaren alles zo mogelijk nóg complexer zou maken.

img_2372

We twijfelden aan onszelf, als ouders. Nóg meer dan anders. Wat deden we mis? Waren we te streng, of net te laks? Maakten we niet genoeg tijd voor onze kinderen? Meerdere keren stelden we onszelf en elkaar die vraag, vaak met de tranen in de ogen.

Op een bepaald moment voel je als ouder dat het niet meer lukt. Daar is niks mis mee, maar wat is het moeilijk om toe te geven dat je je kind niet meer de baas kan.  Het gevoel te falen in je belangrijkste taak, in je rol als moeder … het maakt je gelijk met de grond en raakt je tot in de kern van je bestaan.

Tijdens een gesprek op school legde zijn juf voorzichtig de link met de medicatie die hij ondertussen een jaar nam voor zijn ADHD. Zelf had ik daar ook al aan gedacht, en ja, we gaven het de laatste maanden meer, niet meer uitsluitend voor school, maar ook op vrije dagen om het thuis aangenamer te maken.

Ze verzekerde ons dat hij ondertussen een stevige basis van de leerstof had en dat het concentratieprobleen opgevangen kon worden. Reden genoeg voor ons om de Rilatine overboord te gooien, want dat was oorspronkelijk de enige reden waarom we vorig jaar toch onze toevlucht namen tot medicatie: zijn concentratieprobleem met als gevolg een grote leerachterstand.

img_2030
Wat er toen gebeurde, is moeilijk te geloven. Na amper 2 dagen keerde geleidelijk aan de rust in huis weer terug. Elke dag vonden we een stukje van onze zoon terug. Hij herontdekte de lego, de auto’s, zijn eigen fantasie en creativiteit. Hij zocht weer meer contact met ons, met zijn broer en zussen. Hij leefde minder en minder in zijn eigen wereldje en beleefde weer zichtbaar plezier in de interactie met de mensen om zich heen.

Na een week hadden we onze zoon helemaal terug. Vurig, maar handelbaar. Van al onze kinderen vraagt hij nog steeds de meeste aandacht en niet altijd op de juiste manier, maar er zijn weer meer goede dan slechte momenten. Hij heeft nog regelmatig uitbarstingen, maar krijgt zichzelf meestal weer net op tijd in de hand. Die zelfbeheersing was hij volledig kwijt.

Het is afwachten wat de invloed op zijn schoolresultaten zal zijn, maar eerlijk gezegd is dat het minst van mijn zorgen. Hij komt er wel, het is een volhouder, hij weet wat hij wil en gaat er ook voor.

Wij hebben onze zoon terug, hij is weer gelukkig en dat is voorlopig meer dan genoeg.

aandachtvragen

 

Lang leve het onderwijs

 

Het dorp waar we wonen is een boerengat, een Kempische scheet groot. En toch zijn er 3 scholen. Twee hele grote en 1 heel kleintje. Wij kozen voor het kleintje. Liever mijn kleuter rustig laten starten in een klasje van 10, dan in een groep van 25 waar doorheen het jaar nog eens minstens 15 kindjes bijkomen.

Het was niet alleen het kleinschalige dat ons aansprak, maar ook het groene karakter van de school – in tegenstelling tot de 2 andere betonnen bunkers – en de openheid: geen hermetisch afgesloten domein, maar een doorzichtige omheining met kleurrijke poortjes die indien nodig op slot gaan, maar er blijft altijd minstens 1 toegang open, klaar om de ouders te ontvangen.

De kleinschaligheid kan ongetwijfeld een troef zijn, maar tegelijkertijd zorgt het jaar na jaar voor heel wat ellende bij het schoolteam. De juffen moeten al jaren knokken om de school in leven te houden, ze moeten ongetwijfeld dubbel zo hard werken als andere juffen. Ik kan het weten, want een voordeel van een klein schooltje is de enorme betrokkenheid van de ouders.

De leerkrachten halen alles uit de kast om élk kind, hoe moeilijk het ook gaat, mee te nemen naar het volgende leerjaar. Ze halen het onderste uit de kan om ook de allerzwakste leerlingen vol zelfvertrouwen en met een positief zelfbeeld tot over de eindstreep te brengen. Ik kan het weten, want mijn oudste dochter heeft tegen alle verwachtingen in haar getuigschrift behaald en dat is volledig en alleen te wijten aan de onovertroffen en onuitputtelijke inzet van het hele schoolteam en dat jarenlang. Mijn oudste zoon heeft het ook moeilijk, leren gaat allesbehalve vanzelf, maar ik heb er ook nu weer het volste vertrouwen in dat hij binnen enkele jaren afzwaait, wetende dat hij niet de beste is in rekenen en schrijven, maar wel uitblinkt in een heleboel andere dingen.

Maar hoe hard onze juffen ook werken, er zijn nu eenmaal een ministerie van onderwijs, inrichtende machten en directeurs van scholengroepen die daar geen rekening mee houden. Die zitten achter hun chique bureau en bekijken op het scherm van hun laptop de feiten en de cijfers. Die houden er geen rekening mee hoe geweldig en gemotiveerd een leerkracht is. Ben jij de laatste in rij en vallen er uren weg, dan kan jij vertrekken. Ik kan het weten, want ik heb zelf jaren in  het onderwijs gestaan.

Zo zag ik rondom mij fantastische leerkrachten vertrekken, onder dwang, door een gebrek aan uren of na enkele jaren dienst toch ongeschikt bevonden door iemand die nooit één les heeft bijgewoond. Persoonlijke drama’s worden op het hoogste niveau in scène gezet, geïnspireerd door mooi ogende grafieken, statistieken en wetmatigheden.

En ook nu weer moeten we in ons kleine schooltje afscheid nemen van een juf uit de duizend, al 17 jaar lang een vaste waarde in de school. Ook nu weer moet op een andere school een droomjuf haar vertrouwde nest verlaten. Al hun inspanningen, hun ontelbare creatief uitgewerkte lessen, hun bewonderenswaardige inzet tijdens en na de schooluren, … hebben tot niets geleid, zijn verloren en hebben hen, behalve het plezier van de kinderen en de dankbaarheid van de ouders, niets opgeleverd.

Los van de impact op het leerkrachtenteam en de leerlingen, is dit voor de juf zelf een klap in het gezicht, een persoonlijke tragedie. Feiten en cijfers beslissen, geen greintje menselijkheid is ermee gemoeid. Maar zo gaat dat helaas in het onderwijs. Je zou er als leerkracht voor minder de brui aan geven en op zoek gaan naar meer werkzekerheid én een job waarbij je inzet en capaciteiten wél een rol spelen.

changes

 

 

 

 

 

 

 

 

 

AD(H)D is top!

Mijn oudste zoon heeft ADHD. Dat is geen geheim. We hadden al langer een vermoeden dat er iets niet klopte in zijn hoofd, dat hij meer dan intelligent genoeg was, maar dat het er om een of andere reden niet uitkwam. Dat zijn brein vaak in overdrive ging waardoor zijn licht ontvlambaar karaktertje te regelmatig vonkte. Dit zorgde thuis wel eens voor problemen waardoor we op zoek gingen naar alternatieve methodes om ermee om te gaan. Homeopathie, osteopathie, bachbloesemtherapie, psychotherapie, voedingssupplementen, … noem maar op. Alles hebben we geprobeerd, helaas zonder het verhoopte resultaat.

Vorige lente lieten we hem op aanraden van de school testen en tegen de zomer stond het mooi op papier. Voor velen in onze omgeving kwam dat niet als een verrassing. Onze Jef is altijd een speciaal geval geweest, geen gemakkelijk kind.

adhd3

Anderen vielen totaal uit de lucht. Hij is inderdaad niet opvallend hyperactief en buitenshuis weet hij zich meestal behoorlijk, vaak zelfs voorbeeldig te gedragen. Dit kost hem dan zoveel moeite dat we dat thuis vaak dubbel en dik moeten bekopen. Zijn overgevoeldige aard maakt het allemaal nog een beetje complexer.

We probeerden het eerst nog zonder medicatie. De school ’t Klavertje  deed sowieso heel veel om het uiterste uit onze jongen te halen, maar zijn achterstand werd steeds groter. Tot de juf aangaf dat het echt heel moeilijk liep, dat hij zich nog geen minuut kon concentreren. Ook huiswerk maken was onbegonnen werk. Een opdracht die een kwartier zou mogen duren, nam bij ons anderhalf uur in beslag. Anderhalf uur ruzie, frustratie, agressie, verdriet en wanhoop …

Na vele slapeloze nachten, getob en getwijfel hakten we dan toch de knoop door en ging onze zoon aan de Rilatine. Bang afwachten welke nevenwerkingen  hem parten zouden spelen, wakker liggen van de gevolgen op lange termijn die nog niemand kent.

Op school zorgde dit voor een wonderbaarlijke verandering. Vanaf dag 1 merkte de juf op dat hij ongelooflijk gefocust was. Hij werkte voor het eerst taken en toetsen zelfstandig af en kon min of meer mee met de rest van de klas. Deze positieve evolutie in combinatie met zo goed als geen nevenwerkingen, maakt het aanvaardingsproces voor ons als ouders een pak makkelijker.

Thuis blijft het moeilijk, want ik krijg het niet over mijn weke moederhart om hem een pilletje te geven wanneer het geen school is. Al merk ik zelf ’s ochtends de merkwaardige ommekeer wanneer hij vroeg uit de veren is en ik hem al snel het pilletje toedien zodat ik zelf toch ook nog even kan genieten van een voorbeeldig kind. De tijd vóór hij het neemt, is hij humeurig en probeert hij meestal de boel op stelten te zetten door zijn zussen op stang te jagen en/of door op alles wat ik vraag koppig nee te antwoorden. Welgeteld een kwartier na de inname verandert hij in een aangename, lieve jongen die zich bewust is van zijn omgeving. Hij wordt behulpzaam én begint steevast op te ruimen. Alsof zonder pilletje de chaos in zijn hoofd te groot is en er veel dingen aan hem voorbij gaan. Mét pilletje gaat er een wereld voor hem open en kan hij die ook ten volle in zich opnemen.

Gisteren stootte ik op een interessante uiteenzetting van Jelle D’Helft, zelf een trotse ADHD’er, over de stoornis en medicatie. Hij schetst een, naar mijn gevoel, correct en eerder positief beeld van kinderen met ADHD. Onze zoon heeft inderdaad oog voor detail, ís zeer empathisch, heeft zijn eigen uitgesproken talenten en ís een geweldig kind. We hebben dan ook doorheen de jaren leren omgaan met zijn moeilijkere gedrag en complexe karakter, want zoals Jelle zegt: het kind zelf heeft er geen last van, maar wel de mensen rondom hem. Onze zoon heeft inderdaad zelf weinig last van zijn ADHD en bijhorende gedragsperikelen, maar wel van onze reactie daarop.

Verder gaat de lezing over een eventueel gezonder alternatief voor Rilatine. De onderzoeken, testen en resultaten zien er veelbelovend uit en hebben onze interesse als bezorgde ouders alvast gewekt. We hebben dan ook besloten om met het alternatief aan de slag te gaan. Eerst in combinatie met de rilatine in de hoop dit op termijn niet meer nodig te hebben. Ik hou jullie op de hoogte!

adhd